Zittingszaal

Klachten

Nationaliteitsdossiers

Advies

Het parket geeft, op vraag van de ambtenaar van de burgerlijke stand, advies over de verzoeken en verklaringen tot het verkrijgen van de Belgische nationaliteit.

Het openbaar ministerie zal dan nagaan of de verzoeker voldoet aan de voorwaarden van het Wetboek van de Belgische nationaliteit en of er eventueel redenen zijn eigen aan de persoon of persoonlijkheid van de verzoeker die verhinderen dat de Belgische nationaliteit zou toegekend worden. Dit laatste zal het geval zijn wanneer de verzoeker bijvoorbeeld recent werd veroordeeld wegens ernstige feiten, of ook wanneer betrokkene het voorwerp uitmaakt van een lopend strafonderzoek.

Wanneer het parket een negatief advies uitbrengt over het nationaliteitsverzoek, dan wordt dit advies (soms ook akte van verzet genoemd) zowel aan de ambtenaar van de burgerlijke stand als aan de betrokkene zelf betekend. Na ontvangst ervan beschikt de verzoeker over een termijn van 15 dagen om hiertegen verhaal aan te tekenen bij de rechtbank van eerste aanleg.

Nationaliteitsverkrijging door verblijf

Wanneer men een nationaliteitsverklaring doet op basis van zeven jaar hoofdverblijf in België (artikel 12bis §1, 3° van het Wetboek van de Belgische nationaliteit) onderzoekt het parket:

  • of de verzoeker op het ogenblik van het afleggen van zijn/haar verklaring in het bezit is van een geldig verblijfsdocument van onbeperkte duur dat hem toelaat zich in het land te vestigen, en,
  • of de verzoeker gedurende een onafgebroken termijn van zeven jaar voorafgaand aan de datum van de verklaring, zijn hoofdverblijf in België had (dit wordt nagegaan via de registers van de burgerlijke stand). De betrokkene moet de hele periode legaal in het land geweest zijn en m.a.w. steeds in het bezit geweest zijn van geldige verblijfstitels. Wanneer de termijn van zeven jaar onderbroken wordt, door een afschrijving naar het buitenland of een ambtshalve schrapping, zal het parket een negatief advies verstrekken.

Nationaliteitsverkrijging door huwelijk

Wanneer men de Belgische nationaliteit wil verkrijgen op basis een huwelijk met een Belgische onderdaan (artikel 16 van het Wetboek van de Belgische nationaliteit) onderzoekt het parket:

  • of de verzoeker gedurende een periode van zes maanden, respectievelijk drie jaar met de Belgische echtgeno(o)t(e) heeft samengewoond, en
  • of de samenwoning effectief is geweest, en
  • of de echtgenoten gedurende de hele nationaliteitsprocedure hebben samengewoond (tot en met het vonnis). Een feitelijke scheiding in de loop van de procedure zal er dus voor zorgen dat de verzoeker zich niet meer in de voorwaarden bevindt. Het is anderzijds wel mogelijk dat personen die officieel op eenzelfde adres zijn ingeschreven, toch effectief samenleven.
 
3000 LEUVEN, Smoldersplein 5